Dag 13: Astorga – Rabanal del Camino (19 km)

Maandag 27 April 2026

Het ziet er bewolkt uit als we de herberg verlaten. Er wordt regen verwacht en het is een beetje fris. Een lange tocht weer door de straten van de stad; ook eens een moderne kerk in één nieuwbouwwijk.

En al gauw lopen we langs de autoweg en zien het landschap, groen en afwisselend met bergen in de verte, voor ons liggen.

We lopen langs een kleine kapel en gaan naar binnen. Een vrijwilligster vertelt ons in het Spaans wat we zien en we krijgen een stempel in ons boekje. We bedanken haar: een heel lief klein bedeesd oud mensje.

Dan een breed pad langs de autoweg. Regelmatig worden we gepasseerd door sportieve of pelgrim fietsers. Vanmorgen ontmoetten we een Nederlander die met een vriend de Camino fietste. Allereerst feliciteerden we elkaar met onze koning 👑 die vandaag jarig is. Toen vertelde hij (70+) dat ze drie zware dagen met bepakte fietsen voor de boeg hadden met stijgen en dalen: 80 km/dag was het plan. Als ze in Santiago arriveerden, zouden ze kijken wat te doen, daarna. Maar hij wist het inmiddels al: hij verlangde naar zijn vrouw, zijn kinderen, zijn huis, bed, bad… Tja.

In het eerste dorp ontbijten we. Een enorme chaos in een te klein cafeetje. Een grote man die koffie met melk maakt, brood roostert, alles inschenkt en klaarzet en afrekent. In dat kleine kamertje komen naast pelgrims, enkele lokale bouwvakkkers, ook 2 van Guardia Civil en twee van de Policia Nacional binnen die prompt binnen zitplaatsen krijgen aangeboden. Ik ben blij als ik met de afgerekende ontbijten weer buiten sta: Bar Cris(is)

Dan begint (weer) het rechte pad. Kilometers lang, totdat we in een volgend dorp aankomen dat zich echt heeft gericht op de pelgrim als toerist. Alles ademt Camino.

We passeren een dobbelsteen en lopen een vrolijk straatje in.

We nemen een koffie en delen een worteltaart.

De laatste 10 kilometers stijgen we verder over de lange rechte grindpaden langs de autoweg. Soms zien we de besneeuwde toppen van de Picos de Europa.

Onze bestemming is de herberg La Senda die het gebouwtje deelt met een andere herberg met restaurant waar we lunchen, het is inmiddels 13 uur.

In de midddag als we gedoucht hebben, vertelt Sofie dat ze pijn heeft aan haar voet. Het voelt aan als iets dat veroorzaakt is door overbelasting. Ze heeft steeds gedacht dat het wel weggaat, maar dat is niet zo. Ze besluit daarom morgen de voet rust te geven.

Nieuwe planning wordt dus dat Sofie per taxi naar de herberg in Ponferrada gaat. Dat is een stad waar ik ook wil aankomen morgenavond. En zo gaan we het doen. Sofie per taxi naar de stad en ik ga verder te voet naar Ponferrada: ongeveer 32 km met mogelijk regen.

Sofie kan wel voorzichtig op slippers lopen, zonder bagage. Daarom gaan we lokaal avondeten in de Taveerne van het dorp.

Ik besluit morgenochtend al vroeg op pad te gaan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑