Zaterdag 18 april 2026
Voor vandaag was het plan om 35 km te lopen. Dat gaat Sofie niet lukken, pijn aan voeten en scheenbeen, dus we gaan het grootste stuk met de bus doen en daarna lopen naar de gereserveerde slaapplaats in Cirauqui. We missen wel de berg met de beroemde roestige beelden van de pelgrims. Het zij zo.
De bus vertrekt laat dus we slapen een beetje door en dat is maar goed want er waren twee snurkers vannacht die mij wakker lang wakker hebben gehouden. Ik ga dan eerder naar buiten op zoek naar een koffie met croissant. Dan zie ik dat de stad na de drukte van gisteren, flink schoongemaakt wordt.

Ik vind Pamplona een mooie en gezellige stad, pleinen met speeltuinen en terrassen, verrassende etalages, bloemen aan balkons, veel kinderen en ook wankele oudjes die op bankjes in de zon zitten te genieten. Nu is het nog stil en zitten de vroege vogels in de kroeg met koffie en croissant te lezen in de krant die, geklemd aan een stok, gratis te vinden is.


Even later gaan we samen naar het busstation dat – hoe slim – volledig ondergronds ligt. Om de juiste bus op tijd te vinden is dan weer lastig, veel busdiensten met eigen i-balie en beetje ingewikkeld tijdschema. Maar goed, uiteindelijk ervandoor, rugzakken in de laadruimte onderin en algauw rijden we in een landschap van bergketens (met windmolens) die we lopend gemist hebben.


De stad Puenta la Reina werd gesticht in de 11e eeuw. Deze ‘brug van de koningin’ was vooral bedoeld om pelgrims over de Agra – rivier te helpen voor hun reis naar Santiago de Compostela.

In deze stad komen twee Caminos samen. De Camino Francés (die wij nu lopen) en de Camino Aragones vanuit de oostkant van de Pyreneeën.
Na een korte lunch gaan we de brug over een lopen een paar kilometers langs de rivier.

Dan wordt het anders: terwijl de zon flink staat te branden, krijgen we een steile lange klim voor de kiezen.



In een dorpje pakken we een korte pauze waar ik weer herstel. Daarna is het weer genieten van het moois om ons heen.

Glooiend groen met slingerende paadjes, wijngaarden die nog weinig laten zien en olijfbomenvelden.


Ik heb het gevoel dat we nu langzaam de Pyreneeën verlaten en dat de natuur wat vriendelijker wordt. Meidoornstruiken, bloeiend koolzaad.
Bij Cirauqui aangekomen, moeten we flink stijgen om via smalle straatjes de herberg te bereiken. Het is een heel oud dorpje, hier zo op de heuvel. De herberg is helemaal zoals je zou willen: een gastheer die alles uitlegt, regelt en ‘s avonds helpt bij de bediening van het eten.

Het is vol met boomers zoals mijn jonge dochter moet constateren. Geen andere Nederlanders, wel Spanjaarden, Fransen, Canadezen en USA- Amerikanen.

Na het eten maken we nog een rondje in het dorp, een historisch pareltje maar een doodse sfeer verder.
We kruipen ons stapelbedje in met ca. 12 anderen op onze kamer en gaan lekker slapen.
Geef een reactie